28-01-2010
Het huis dat op naam van de kinderen is gezet
In het verleden hebben veel ouders hun woning aan hun kinderen
overgedragen, terwijl zij zelf in de woning bleven wonen. Welke
gevolgen verbindt de gewijzigde Successiewet daaraan?
Toch erfbelasting over de woning betalen
Deze overdrachten van de woning aan de kinderen werden uitgevoerd
met het oog op het besparen van successierecht (inmiddels genaamd:
“erfbelasting”). Na overdracht van het huis aan de kinderen, woont
de ouder in het huis op basis van een vruchtgebruik of een recht
van gebruik en bewoning. In deze situatie worden de kinderen
“blooteigenaren” genoemd. Als de ouder op het moment van overlijden
nog in de woning woont of minder dan 180 dagen voor zijn overlijden
uit de woning is vertrokken, dan moet de waarde van de woning (zij
het met wat aftrekbare kosten) toch bijgeteld worden als bezitting
in de nalatenschap, zodat over deze waarde wel erfbelasting moet
worden betaald.
Wat is er gewijzigd per 1 januari 2010?
Het bedrag dat in de hiervoor geschetste situatie aan erfbelasting
moet worden betaald is vanaf 2010 hoger geworden. Tot 1 januari
2010 mocht bij het bijtellen van de woning in de nalatenschap
namelijk worden uitgegaan van de waarde ten tijde van de overdracht
van de woning aan de kinderen. Stel dat een moeder haar huis in
1990 had overgedragen aan haar kinderen en zij in 2009 overleed
terwijl zij nog op basis van vruchtgebruik in die woning woonde,
dan mocht in haar nalatenschap worden uitgegaan van de waarde van
de woning in 1990. Zou deze moeder echter zijn overleden op of na 1
januari 2010, dan moet de waarde ten tijde van het overlijden
worden bijgeteld in haar nalatenschap. Gezien de prijsstijging die
de woningmarkt heeft gekend zal de WOZ-waarde in 2010 aanzienlijk
hoger zijn dan de waarde van diezelfde woning in 1990.
Wat zijn de oplossingen?
Indien de ouder de woning meer dan 180 dagen voor zijn overlijden
daadwerkelijk metterwoon heeft verlaten, hoeft over de woning geen
erfbelasting te worden betaald in de nalatenschap van de ouder.
Door het verhuizen uit de woning is het vruchtgebruik van de ouder
geëindigd en zijn de kinderen volledig eigenaar van de woning.
Als de ouder in de woning wil blijven wonen, dan zijn er twee
alternatieven:
1. Het “terugdraaien” van de overdracht:
De ouder koopt in dat geval de blooteigendom van de woning terug
van de kinderen en wordt weer volledig eigenaar. Dit terugkopen
heeft meerdere fiscale gevolgen waar vooraf advies over moet worden
ingewonnen. De woning valt hierdoor weliswaar voor het geheel in de
nalatenschap van de ouder, zodat hierover bij overlijden
erfbelasting moet worden betaald. Maar doordat de ouder aan de
kinderen een koopsom betaalt voor de blooteigendom op basis van de
huidige waarde, vindt op die manier toch vermogensoverheveling naar
de kinderen plaats.
2. Het “doordraaien” van de overdracht:
De ouder doet in dit geval (eventueel in gedeelten) afstand van het
vruchtgebruik. Ook hieraan zijn meerdere fiscale gevolgen verbonden
waar eveneens vooraf advies over moet worden ingewonnen. Het
afstand doen van het vruchtgebruik heeft tot gevolg, dat de
kinderen volledig eigenaar van de woning worden. Als de ouder meer
dan 180 dagen daarna overlijdt, dan is de woning niet meer met
erfbelasting belast.
De ouder moet wel aan de kinderen een huur betalen die op jaarbasis
minimaal gelijk is aan 6% van de WOZ-waarde van de woning.
Actie ondernemen
Mocht u als ouder of als kind betrokken zijn geweest bij een
dergelijke overdracht van de woning, dan is het goed om actie te
ondernemen, waarbij uw adviseur bij Berk u graag zal begeleiden om
de belastingschade te beperken.
> Stuur dit bericht door
> Alle publicaties